Vlaamse Filmpjes

      1 reactie op Vlaamse Filmpjes

Elk jaar organiseert de Belgische uitgeverij Averbode een schrijfwedstrijd voor de Averbode Verhalenprijs (voorheen John Flandersprijs) voor de serie Vlaamse Filmpjes. Dat zijn kleine boekjes voor kinderen van tien tot dertien jaar, waarvan er ieder jaar twaalf verschijnen in uiteenlopende genres. Dit jaar doe ik mee!

Vorig jaar zag ik de wedstrijd ook al langskomen, maar ik was te laat om een goed verhaal te verzinnen. Bovendien heb ik nog nooit iets voor kinderen geschreven, dus even gauw iets bedenken was er niet bij. Met dat in gedachten ben ik dit jaar al heel op tijd begonnen.

In de kerstvakantie begon ik met het lezen van Zo schrijf je een kinderboek van Mireille Geus (Schrijfbibliotheek) en het volgen van een gratis cursus op Coursera. De cursus viel tegen, maar het boek van Geus was handig, mede door de praktische opbouw. Het grootste probleem daarna is voor mij altijd het verzinnen van het verhaal zelf. Na een brainstormsessie had ik echter twee ideeën die ik goed genoeg vond om verder uit te werken. Ik beantwoordde voor beide ideeën de vragen die Geus in haar boek beschreef en maakte er een three-act-structure-schema van. Toen kon het echte schrijven beginnen.

Ik begon met het verhaal dat het meest praktisch was, waarvan ik voor me zag hoe ik moest beginnen. Ik worstelde me het hele verhaal door tot alles op papier stond. Nog niet per se een mooie versie, maar bij langere verhalen lukt me dat nooit in één keer. Er waren nogal wat problemen met deze eerste poging. Ten eerst was het verhaal nog niet lang genoeg (er is een vereiste minimum- en maximumlengte bij deze wedstrijd) en ten tweede rammelde het nog aan alle kanten, qua opbouw en verhaalstructuur. Dat kwam doordat ik de drijfveren van de hoofdpersoon nog niet helemaal helder had. Proeflezers vonden dat ook.

Vervolgens heb ik het verhaal een poosje laten liggen. Er waren andere wedstrijden waar ik ook aan mee wilde doen en waar ik makkelijker mee verder kon. Daarna ben ik begonnen om het verhaal te snowflaken. De eerste stappen van de snowflake methode helpen mij vaak om het verhaal strakker te krijgen. Ik weet dan duidelijker wat de kern is en wat de hoofdpersoon drijft. Daarna bleek dat mijn oorspronkelijke versie voor het grootste deel wel bruikbaar was. Ik moest alleen het eerste gedeelte grondig veranderen en verder door het hele verhaal dingen aanpassen, verkleinen of juist vergroten. Toen ik daar mee klaar was, had ik nog steeds niet genoeg tekens.

Het probleem is, dat ik gewend ben om een verhaal door te lezen en dan dingen te schrappen. Overbodige woordjes, extra uitlegzinnetjes, informatie die voor het verhaal niet belangrijk is. Dat heb ik met dit verhaal ook maar gedaan. Het wordt er immers beter van. Dat loste alleen mijn lengte-probleem nog niet op (het werd er zelfs groter van). Toen ben ik nog eens kritisch door de tekst gegaan met de vraag waar ik nog iets zou kunnen uitbreiden. Een beschrijving hier, een los eindje daar, en op die manier kwam ik uiteindelijk toch nog vrij gemakkelijk aan de juiste lengte. Ik stuurde het voor een laatste rondje naar proeflezers (zowel volwassenen als kinderen in de leeftijd van de doelgroep).

Eergisteren heb ik die laatste versie aangepast naar aanleiding van de feedback van proeflezers. Gelukkig waren dat echt alleen nog wat laatste dingetjes. Toen kon ik het niet laten om het zelf nog eens door te lezen. Normaal print ik het dan uit, maar dit keer heb ik het op een e-reader nagelezen. Dat werkte eigenlijk net zo goed, kwam ik achter. Probleem is alleen dat ik in die laatste ronde nog steeds allerlei overbodige woordjes tegenkwam, die ik toen ook weer geschrapt heb. Uiteindelijk hield ik nog nét genoeg tekens over.

En toen begon het printen. De meeste verhalen van schrijfwedstrijden kun je digitaal inleveren, maar bij de Averbode Verhalenprijs moet je het verhaal in drievoud uitprinten en opsturen naar de redactie. Onder een schuilnaam, zodat het volledig anoniem is. In de grote envelop moet een kleinere, dichtgeplakte envelop waarin een papier zit met je echte naam en gegevens. Het was een gewichtig moment, het printen van de verhalen, het checken van de voorwaarden of ik niet iets vergeten was, of ik het allemaal precies zo deed als in het reglement stond. Heel wat spannender dan een mailtje sturen. Maar het is gelukt, de envelop is dichtgeplakt en ligt nu voor mij op het bureau.

De deadline is op 23 mei en de uitslag komt eind 2016.
Ik heb geen internationale postzegels in huis. De envelop kan pas morgen de deur uit.

 

Één reactie op “Vlaamse Filmpjes

  1. karlienvh

    Veel succes! Mijn inzending ga ik nog eens doorschuiven naar volgend jaar, net als ik vorig jaar deed, helaas niet genoeg tijd voor gehad want het lijkt me een heel interessante wedstrijd.

Gesloten voor reacties.