Ou/au!

      Geen reacties op Ou/au!

Vandaag heb ik een tentamen van Taalgeschiedenis. Taalgeschiedenis gaat over de geschiedenis van onze taal, van Proto-Indo-Europees (leg ik nog wel eens uit) via Germaans naar Oudnederlands, Middelnederlands, Nieuwnederlands en Modern Nederlands.

Voor een groot deel bestaat dit vak uit historische achtergrond gecombineerd met klankverschuivingen. Voor het eerste heb ik een voorsprong: ik heb immers al geschiedenis gestudeerd. De klankverschuivingen zijn een ander verhaal. Sommigen zijn heel lastig te onthouden, anderen zijn juist leuk omdat ze iets vertellen over je eigen taal.

Misschien herinneren jullie je nog het artikeltje van Maurice de Hond, die ervoor pleitte om de spelling te vereenvoudigen door voortaan alleen nog de au en de ij te gebruiken. Ik vond dat toen al raar, omdat ik voor mijn gevoel uitspraakverschil maak tussen de ou en de au. (De ou is ronder dan de au, bij mij. Of je dat hoort weet ik eigenlijk niet.)

Ik vond het leuk om erachter te komen waarom we twee verschillende schrijfwijzen van dezelfde klank hebben. Er is namelijk een klankverschuiving geweest in de late middeleeuwen waarbij de letter l een klinker werd. Dit proces heet vocalisering. Dat vond met name bij twee klankcombinaties plaats: ol > ou en al > au. Cold werd coud (en nu koud), gold werd goud. (Voor de oplettende lezer: deze klankverschuiving heeft zich niet voorgedaan in het Engels.)

Klankverschuivingen begonnen altijd in Holland, wat we nu de Randstad zouden noemen. Vanaf daar verspreidden ze zich over de rest van Nederland. Niet altijd werden de randen van het land goed bereikt. Dat kun je onder andere zien aan plaatsnamen. In Utrecht heb je de plaats Woudenberg. Daar kun je de klankverschuiving zien. In Groningen heb je echter ook de plaats Woldendorp. Daar zie je de oude klank nog in terug. Ook in dialecten die nog hier en daar gesproken worden, kom je soms oude klankcombinaties nog tegen. Als kind dacht ik altijd dat die dialecten het anders waren gaan doen ten opzichte van het ‘gewone’ Nederlands, maar nu weet ik natuurlijk dat de dialecten er eerst waren en dat daarin juist oudere vormen van onze taal bewaard zijn gebleven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *